fbpx

5 strategieën om emotionele uitbarstingen te stoppen, voordat ze beginnen

Spread the love

Alle ouders maken het wel eens mee:

Je bent aan het boodschappen doen in een volle supermarkt.
“Mama, mag ik chocola?”
“Nee schat, vandaag niet.”

Of je bent in de speeltuin en het is tijd om te gaan.
Maar je kind heeft geen zin…

Het is bedtijd en je vraagt of je kind wil gaan tandenpoetsen. Maar je kind is moe, overprikkeld en wil blijven spelen…

Je ziet het gezicht van je kind en voelt de bui al aankomen:

De heftige emotionele uitbarsting.

Je kunt je op die momenten behoorlijk hulpeloos voelen als ouder.
Maar, gelukkig kun je er wel wat aan doen 🙂

Hier zijn 5 strategieën om uitbarstingen te stoppen, voordat ze beginnen:

1. Zorg ervoor dat het Aandacht-balkje opgeladen is

Ken je het computerspel ‘The Sims?’ In dat spel heeft elk poppetje een aantal balkjes met verschillende behoeftes. Als de balkjes vol zitten (je sim is uitgerust, heeft genoeg gegeten, voelt zich schoon, etc) dan is je Sim happy en groen. Als de balkjes te ver leeglopen dan worden ze ongelukkig en boos.

Je kind heeft 2 balkjes die heel belangrijk zijn. Als die opgeladen zijn dan is het makkelijk voor je kind om happy en rustig te zijn. Als ze leeg zijn dan wordt je kind overstuur, boos of laat ‘vervelend’ gedrag zien.

Ik noem het wel vaker, maar het is gewoon erg belangrijk en handig om te weten 🙂

De eerste is het ‘aandachtsbalkje’

Een kind wat niet genoeg echte aandacht en connectie voelt, gaat daar om vragen.
Meestal niet op een fijne manier en meestal niet op een moment dat het ons goed uitkomt.
Vaak als een kind moe is of moet meewerken bijvoorbeeld.
En vaak leidt dat tot emotionele uitbarstingen.

Neem elke dag echt even de tijd voor je kind. Één op één. Het mooie is: je hoeft er alleen maar te zijn. Laat je kind zelf uitkiezen wat het met jou wil doen.

Zorg er voor dat je er ook echt helemaal bent.
Dus telefoon weg en geen boodschappenlijstjes maken in je hoofd 😉

10-15 minuten per dag is genoeg.

Hoewel het een beetje kan verschillen per kind, per leeftijd en hoe je kind zich voelt die dag. Als je kind overprikkels is of jullie hebben een beetje een botsing gehad bijvoorbeeld, dan kan het fijn zijn om wat extra oplaadtijd te hebben. 


2. Zorg ervoor dat het Autonomie-balkje opgeladen is

Autonomie is het tweede balkje wat belangrijk is. Ieder kind, elk mens, heeft de behoefte aan een zekere mate van invloed en controle over zijn of haar leven.

Als je een peuter hebt, een tiener en/of een kind met een sterke wil, dan is die behoefte nog groter.

Autonomie betekent niet dat je je kind ten alle tijden alle keuzes zelf laat maken. Dat is veel te veel verantwoordelijkheid, voelt niet veilig voor een kind en gaat waarschijnlijk erg botsen met jouw grenzen en huisregels 😉

Een kind wat te weinig positieve invloed voelt over zijn leven, gaat die behoefte proberen te voldoen op manieren die wij vaak minder fijn vinden: Negatieve invloed uitoefenen.
Tegenwerken, Nee zeggen, op je knopjes drukken, drammen en zeuren.

En vaak leidt dat tot emotionele uitbarstingen…

Laat je kind iets kiezen wat het wil doen samen met jou en volg je kind. Dan heb je de behoefte aan aandacht en aan autonomie tegelijk. We noemen het hier bonus-tijd. Het betekent dat je mijn volle aandacht hebt en dat we spelen wat jij wil.

Andere manieren om je kind invloed te geven is het zelf ‘kleine keuzes’ te laten maken afhankelijk van de leeftijd. Welke kleding aan, een keer per week kiezen wat jullie gaan eten – of zelf koken, eventueel met hulp maar onder leiding van je kind, welke route jullie naar school fietsen, welke huishoudelijke klusje je kind doet en wanneer.

Bij jonge kinderen is helemaal vrije keuzes vaak nog te lastig. Je kunt dan een aantal opties geven om uit te kiezen.

3. Bereid je kind voor met duidelijke verwachtingen

Kinderen zijn net als mannen: ze kunnen geen gedachten lezen en als je iets van ze wilt werkt het beter als je dat heel duidelijk benoemd.

(grapje, maar niet helemaal)

Voor kinderen is het fijn als ze weten wat zij kunnen verwachten. En wat jij van ze verwacht.

“We gaan zo naar een verjaardag. Daar zijn veel mensen en veel geluid. Je mag lekker op jezelf spelen of met de andere kinderen en als het even te veel is dan kun je bij mij komen en een hand op mijn been leggen.”

Het voorkomt overprikkeling en uitbarstingen niet altijd, maar het maakt het wel een stuk makkelijker voor kinderen en de kans een stuk kleiner.

Het is sowieso fijn om een signaal af te spreken wanneer je kind zich niet goed voelt. Vaak wordt het dan al lastiger voor een kind om rustig te communiceren. De ‘hand op je been leggen’ werkte altijd heel goed bij ons.

Dat kan ook op school. Sommige scholen gebruiken smileys, stoplichten of dobbelstenen met kleurtjes waarmee kinderen aan kunnen geven hoe ze zich voelen – zonder dat te hoeven benoemen. Zodat een docent dat weet en er rekening mee kan houden.


4. Denk vooruit

De omstandigheden zijn soms gewoon niet ideaal. Soms moet er iets gebeuren op een moment dat het eigenlijk niet uitkomt. Soms is je kind gewoon ‘op’.

Soms lijkt het alsof die momenten gewoon zo maar ontstaan. Maar als je weet welke activiteiten, omstandigheden of momenten lastig zijn – voor je kind of voor jou zelf – dan kan het veel schelen als je een beetje vooruit plant.

En vaak kan dat al met kleine dingen:

Als je kind snel overstuur is bij honger kun je er voor zorgen dat je altijd een gezonde snack in je tas hebt zitten.

Als je kind erg gevoelig is voor de supermarkt prikkels kun je misschien op een ander moment gaan alleen, of boodschappen voor meerdere dagen tegelijk halen.

Als je kind aan het eind van de middag sneller emotioneel is kun je die momenten misschien beter thuis plannen.

Als koken een stressvol moment voor jou is aan het einde van de dag kun je misschien in de ochtend alvast een ovenschaal of hartige taart voorbereiden.

Etc, etc…


5. Help je kind gevoelens te leren herkennen en uitbarstingen zelf aan te voelen komen

Wanneer je kind iets ouder wordt helpt het enorm als je kind zelf gevoelens en spanning leert herkennen. Als je kind doorheeft wanneer hij of zij ‘oranje’ wordt en even een pauze nodig heeft voordat het doorslaat naar ‘rood’.

Je kunt daar al jong mee beginnen door gevoelens te benoemen als je kind ze heeft:

“Zo jij bent boos!”

Als je merkt dat de spanning op begint te lopen bij je kind kun je zelf een pauze voorstellen:

“Ik voel dat ik even een rustige pauze nodig heb, hoe voel jij je?”

Het is sowieso handig om regelmatig je eigen gevoelens te delen en voorbeelden te geven hoe jij daar zelf mee omgaat.

Niet de grote of zware gevoelens natuurlijk. Maar bijvoorbeeld:

“Ik merk dat ik weinig geduld heb. Ik ga even 5 minuten lekker de tuin in opladen.”
“Ik voel irritatie, ik ga even lekker stampen op de vloer.”

Kinderen leren van ons voorbeeld.

Als je zelf alles wegstopt, hoe leert een kind dan gezonde manieren om gevoelens ruimte te geven of hoe je jezelf tot rust kan brengen?

Door deze strategieën te gebruiken kun je vooruit denken en uitbarstingen vaak voorkomen nog voordat ze beginnen. Bovendien zul je gaan merken dat deze simpele strategieën ook een positieve invloed hebben op het gedrag van je kind op andere momenten.

 

Meer ondersteuning

  • Is jouw kind erg gevoelig en snel overprikkeld?
  • Blijft spanning soms dagenlang hangen?
  • Lijken emotionele uitbarstingen soms zo maar uit het niks te komen?

Gevoelige kinderen houden vaak veel spanning vast. Drukke dagen, op school, een emotionele gebeurtenis. Die spanning komt er dan later weer uit -hopelijk. Soms op een moment dat je het helemaal niet zag aankomen. En vaak met een emotionele uitbarsting. 

Als je je kind wilt helpen om emotioneel in balans te zijn, dan is het FreeHappyKids-Programma allicht iets voor jullie.

Daarin leert je gevoelige kind zelf tot rust te komen, gevoelens te herkennen, spanning los te laten, trucjes voor op school en andere drukke momenten, en nog veel meer.

Klik hier om er meer over te lezen

 


Spread the love