fbpx

Gebruik-tips: Je kind helpen de tools met plezier te gebruiken

Welkom bij het FreeHappyKids-programma. Fijn dat je er bent. Hier zijn een aantal tips om je kind te helpen de tools te gebruiken.


Elk kind is anders

Welke oefeningen en meditaties een kind leuk vindt en bij een kind past verschilt. Elk kind is anders. Het is vooral belangrijk dat je kind het leuk vindt.

Een kind wat erg jong, bewegelijk is of snel spanning vasthoudt, kan waarschijnlijk zijn of haar aandacht (nog) niet bij een lange meditatie houden.

Sommige kinderen houden van meer speelse oefeningen, andere dromen heerlijk weg bij een rustige meditatie.

Sommige kinderen vinden het super boeiend om te leren hoe hun gevoelswereld, anderen gaan liever op in de oefening met zo min mogelijk uitleg en achtergrond.
En ook kan dat voor een kind per moment verschillen.

Een kwestie van lekker uitproberen en kijken wat fijn is.

Een goede richtlijn is om de nieuwe tools van de week in ieder geval 2 of 3 keer te doen. Mocht er een tool tussen zitten die gewoon niet zo past bij jouw kind, dan is dat helemaal niet erg en mag je die daarna gewoon overslaan. Of later nog ens proberen.

Er zitten met opzet veel verschillende tools in de cursus die hetzelfde doel hebben. Zodat elk kind zelf kan gaan voelen wat fijn is en werkt voor hem of haar. Of dat juist de afwisseling fijn is.

Uiteindelijk is het veel effectiever als je kind bijvoorbeeld 3 lievelings-tools heeft die het steeds wil gebruiken, met plezier omdat het fijn is, dan als je kind geforceerd alle tools doet.


Samen is leuk

Kinderen vinden het heerlijk om iets samen met een ouder te doen. Dus het is leuk als je de oefeningen of meditaties samen doet. Het is een fijne manier om je connectie weer even op te laden. Dat helpt bijvoorbeeld met in slaap vallen. Of is fijn als je een drukke dag hebt gehad.

Je wordt er zelf ook gelijk weer helemaal rustig en opgeladen van. Of je valt samen in slaap bij een meditatie. Dat overkomt mij nog wel eens 😉

Sommige meditaties en oefeningen zijn speciaal ontwikkeld om samen te doen, als ouder en kind.  Die zijn er opgericht om even extra op te laden samen en jullie verbinding te versterken. Die komen in module 8.

Samen kun je er ook een spelletje of ontdekkingstocht van maken. Jij zoekt er eentje uit en ik zoek er eentje uit en dan gaan we samen ontdekken wat het is en hoe het voelt.


Hoe vaak de oefeningen en meditaties doen?

Veel kinderen doen het elke dag voor het slapen gaan. Soms als ze uit school komen en even bij moeten komen. Of als ze er behoefte aan hebben.

Structuur kan prettig zijn. “Voor het slapen mag je nog 2 oefeningen uitzoeken” bijvoorbeeld. Het kan ook afhankelijk zijn van het moment. Vaak zijn kinderen meer ontspannen in vakantieweken en is de behoefte minder dan tijdens drukke weken op school.

Wanneer je kind een paar keer per week 10 minuten de tools doet dan maakt dat al een groot verschil en begin je de voordelen na een tijdje te merken.


Opstart hulp

Niet alle kinderen zijn in het begin direct enthousiast. Eerlijk gezegd moest ik mijn eigen zoontje bijna omkopen om het te proberen.

Sommige kinderen hebben een erg sterke wil en reageren snel met weerstand als ze zich gepusht voelen.

Hier zijn wat opstart tips daarvoor:

Doe het samen.
Kinderen vinden het altijd fijn om aandacht te krijgen en samen met jou iets te doen.

Doe het als experiment.
Niet als: ‘je moet dit doen want dit is goed voor je’ (voor die boodschap zijn kinderen vaak wat allergisch), maar meer: “He ik heb dit gevonden, het helpt met je rustig en sterk voelen. Ik wil het graag samen met jou uitproberen een paar weken en dan kijken wat we voelen.”

Laat je kind kiezen welke tools jullie die avond doen.
Kinderen met een sterke wil hebben een grote behoefte aan autonomie. Ze zelf kleine keuzes laten maken helpt vaak.

En nog een paar tips om achter de hand te hebben:

Je mag 10 minuten langer opblijven.
Dit was de doorslag voor mijn zoontje 🙂
Zijn gewone bedtijd, en dan nog 10 minuten samen in bed oefeningen doen.

Ze zeggen dat een uur mediteren net zo veel rust geeft als 2 uur slapen. Ik heb geen idee of dat klopt. Wat ik wel merk is dat die extra 10 minuten er voor zorgen dat kinderen sneller in slaap vallen en dieper slapen.

En ja, technisch is dat omkopen en niet een opvoed-strategie die ik normaal zou aanbevelen of gebruiken. Maar zoals je misschien gelezen had was mijn zoontje enorm overspannen en overprikkeld – dus het belang was groot, en je kunt kinderen gewoon niet echt dwingen.

Dus dat was wat voor ons hielp in het begin. Al snel werd het een fijne gewoonte en na een tijdje ging hij er zelf om vragen: “He ik kan niet slapen, kunnen we misschien nog zo’n ehh… ontspanningsverhaaltje doen?”

“Je mag ook alleen luisteren”
Als je kind de tools een keer niet wil doen is het natuurlijk sowieso niet erg om een keer over te slaan. Dwingen helpt nooit. Maar wat anders nog kan helpen is zeggen ‘Je mag ook alleen luisteren” en dan samen de tool luisteren op bed. De grap is dat kinderen onbewust toch wel een beetje mee gaan doen en veel dingen meekrijgen.

Zorg dat je kind voldoende autonomie ervaart
Dit lijkt er misschien niks mee te maken te hebben, maar autonomie – het gevoel van invloed en controle over je eigen leven is een van de belangrijkste emotionele behoeftes van kinderen.
Helemaal van kinderen met veel temperament en/of een sterke eigen wil.

Een kind wat niet genoeg autonomie ervaart gaat tegenwerken – zijn invloed uitoefenen door lekker niet mee te werken. ‘Ik doe lekker niet mn jas aan, ik ga lekker niet eten, ik ruim lekker niet mn kamer op.’ Dat is een manier waarop kinderen invloed en controle voelen.

Kinderen die genoeg autonomie; genoeg controle, invloed, vrijheid, ervaren, werken veel makkelijker mee uit zichzelf en gaan niet steeds in de ankers als je iets van ze vraagt. Die hoeven niet in de weerstand te schieten als jij voorstelt wat oefeningen te doen voor het slapen gaan.

Dus is het handiger om op andere momenten, die acceptabel zijn voor jou, je kind invloed te geven. Dat kan bijvoorbeeld door je kind zelf ‘kleine keuzes’ te laten maken.

Je kind laten kiezen wat jullie gaan spelen,
je kind laten kiezen 1x per week wat jullie eten (of zelf koken, al dan niet met hulp),
je kind de route naar school laten kiezen,
je kind zelf kleding uit laten kiezen,
je kind laten kiezen welke klusjes het in huis doet op welke dag,
je kind zelf laten meedenken over oplossingen
…dat zijn zo maar wat voorbeelden ter inspiratie.

En je kunt prima zelf voorwaarden stellen om het voor jou acceptabel te houden.
Jij mag kiezen wat we eten, als er maar iets van groente in zit.
Jij mag kiezen welk klusje in huis en wanneer, als het maar elke week / dag gebeurd.

Het gaat er absoluut niet om dat je je kind overal zijn of haar zin in geeft of alles laat bepalen. Het gaat erom dat je op momenten dat het voor jou prima acceptabel is, je kind ruimte geeft om ook een beetje invloed te hebben op zijn of haar eigen leven. Dan gaat meewerken op andere momenten een stuk makkelijker.

Hoogsensitief kind, gevoelige mama? Zo wordt het makkelijker!

  • Neem je vaak gevoelens over van je kind en anderen om je heen?
  • Raak je snel vermoeid of overprikkeld als je kind overstuur is?
  • Heb je moeite om je grenzen aan te geven, of luistert je kind er soms gewoon niet naar?
  • Ben je best wel intuïtief, maar geneigd om te twijfelen aan jezelf?

Je bent niet alleen!

Het zijn kenmerken die horen bij extra sensitieve of gevoelige ouders. ‘Hoogsensitief’ zoals het vaak genoemd wordt.

Sensitieve ouders

Steeds meer mensen weten gelukkig wat (hoog)sensitiviteit is. Sensitiviteit komt met veel voordelen.

  • We zijn doorgaans iets intuïtiever,
  • meer ‘in touch’ met onszelf en ons gevoel,
  • empathisch, hebben een goed inlevingsvermogen,
  • een sterk gevoel voor rechtvaardigheid
  • en zijn vaak creatiever.

Om maar wat te noemen. Handige eigenschappen in een ouder.

Maar, zoals in de bovenstaande drie voorbeelden beschreven, horen er ook uitdagingen bij die sensitiviteit. Veel sensitieve ouders hebben last van gevoelens die ze overnemen van hun kinderen of van anderen, zijn sneller overprikkeld bij drukte of heftige emoties, en zorgen vaak wel heel goed voor het gezin, maar iets minder goed voor zichzelf.

Wat veel mensen niet weten is dat dit voortkomt uit hoe je met je energieveld omgaat. Dat dit energetische patronen zijn die vaak en veel voorkomen bij hoogsensitieve personen, maar dat het niet altijd zo hoeft te zijn of zo hoeft te blijven.


Een fluffy wolkje

Veel mensen die erg sensitief zijn hebben een energieveld wat voor mij het meest lijkt op een wolkje. Het wolkje is erg open en flexibel, het kan ontzettend ver stretchen (en zo overal gevoelens oppikken) of zich helemaal terugtrekken en leeg zijn (zodat alles binnenstroomt).

Een energieveld als een fluffy wolkje

 

Het wolkje is ongeaard, niet gegrond, of niet geankerd en kan makkelijk meegesleurd worden door de omgeving. En het heeft niet echt duidelijke, gedefinieerde grenzen maar is een beetje ‘fluffy’.

-> Daardoor is het moeilijk om te voelen waar jij ophoudt en de ander begint, waar grenzen zijn dus en welk gevoel nou precies van jou is, of van je kind.

Daardoor is het ook lastig om te voelen wie je nou eigenlijk echt bent en wat jij zelf wilt

  • Voor je kinderen is het hierdoor soms ook lastig te voelen is waar je grenzen zijn, en ze kunnen daar onrustig of ‘vervelend’ van worden, of je poging tot grenzen rustig aangeven compleet negeren. (Als jij je grens zelf al niet voelt, houden anderen er meestal ook geen rekening mee.)
  • We zijn door het wolkje ook sneller geneigd met anderen mee te gaan, omdat het moeilijk is om het verschil te voelen tussen je eigen mening en die van een ander.
  • Doordat je wolkje veel binnenlaat, voel je gevoelens van anderen alsof ze van jezelf zijn – daardoor vermijd je liever heftige emoties zoals boosheid, vermijd je conflicten of voel je je snel schuldig als iemand anders zich niet blij voelt.
  • In je wolkje is het soms lastig om je eigen (blije of rustige) gevoelens vast te houden omdat je makkelijk leegloopt of overspoeld wordt door gevoelens en energie die van buiten komen.
  • Doordat de energie van je wolkje overal aan het in-tunen is, kun je je erg versnipperd voelen, snel verward of overspoeld voelen en soms moeite hebben om je intuïtie duidelijk en helder te voelen.

In de ‘gewone wereld’ kunnen dit soort dingen al lastig genoeg zijn…

…maar daar kun je je soms nog even helemaal uit terugtrekken. Met kinderen is dat een ander verhaal. Die zijn er nou eenmaal altijd, of in ieder geval heel vaak, en een enkele ticket naar Hawaii boeken is meestal niet echt een optie.

Maar er is gelukkig een oplossing.

Ik heb zelf lang geworsteld met mijn sensitiviteit en alle mogelijke alternatieven geprobeerd om o.a. meer energie te hebben en minder snel overprikkeld te zijn. Alles werkte wel, eventjes, een beetje, maar het was nooit blijvend of echt een enorme verbetering.

Tot ik leerde hoe een energieveld werkt, en om anders met mijn energie om te gaan.

Ik was echt een stereotype wolkje: Helemaal open, nauwelijks grenzen, alles kwam binnen, snel overprikkeld, etc.

In je eigen bubbel

Ik ontdekte dat ik er wel degelijk zelf iets aan kon doen, wat echt effect had. Ik leerde dat je in plaats van in een wolkje, in een eigen bubbel kunt leven.

Zo’n energetisch ei om jezelf heen visualiseren of grenzen maken in je energieveld had ik allemaal wel eens geprobeerd. Maar dat werkt niet als je niet je energetische patroontjes veranderd. Als ik met mijn energie overal ben, en onbewust overal deurtjes openlaat, dan kan ik tot in de eeuwigheid visualiseren en mediteren, maar dan blijft alles binnenkomen en blijf ik alles voelen.

Als je in je eigen bubbel bent, dan houd je al je eigen energie in je bubbel. Je bent niet afgesloten of hard aan de buitenkant, maar je straalt je eigen energie uit en daar blijf je in. Je kunt nog steeds zien wat anderen voelen, en daar compassie voor voelen, maar je hoeft het niet over te nemen. Er kan chaos om je heen zijn, of een schreeuwende peuter, zonder dat je er door mee gesleurd wordt.

Energieveld als een eigen bubbel


Voor mij voelt het als:
vroeger voelde ik alles – of ik dat nou wilde of niet.
Nu zie ik alles (en vaak nog veel helderder juist) – maar ik hoef het niet meer over te nemen en zelf ook te voelen als ik dat niet wil.

Vroeger werd hoe ik me voelde vaak bepaald door mijn omgeving. In een blije omgeving kon ik makkelijk blij zijn, in een vervelende situatie, voelde ik me zelf ook snel minder goed.

Nu bepaal ik voor een heel groot deel zelf hoe ik me voel, in mijn bubbel, en in plaats van dat mijn omgeving mijn gevoel verandert, merk ik dat ik met mijn gevoel en rust, juist vaak mijn omgeving verander. Ook terwijl ik daar meestal helemaal niet bewust mee bezig ben.


Meelijden of compassie

Er is een goede metafoor die dit ook beschrijft. Het gaat ongeveer zo:

Stel je beste vriendin ligt in de sloot en ze komt er niet uit. Onmiddellijk spring jij er bij in. Maar dan kom je er zelf ook niet meer uit en voordat je het weet ben je net zo nat, koud en bijna verdronken als je vriendin.

Of:

Je beste vriendin ligt in de sloot. Je blijft zelf aan de kant staan en zoekt naar een grote tak. Je hangt de tak in het water en zo kan je vriendin zich uit het water trekken.

In de eerste situatie ben je een wolkje, wat meegesleurd wordt in de vervelende situatie (daar zelf voor kiest) en vervolgens voel je al snel dezelfde vervelende gevoelens (nat, koud en bijna verdronken in dit geval).

We noemen dat ook wel medelijden, of meelijden

 

Vaak is de intentie erg lief maar als we zelf ook in het water springen, zijn we niet meer in een positie waarin we de ander echt kunnen helpen, we zitten nu immers zelf in dezelfde situatie en voelen dezelfde gevoelens.

Veel hoogsensitieve personen zijn geneigd om direct erbij te springen in het water. We gaan gelijk meevoelen met onze kinderen of andere mensen in ons leven. Dat is lief, en leuk en gezellig soms – als het water niet te koud is, en soms is het fijn om te weten dat je niet alleen in het water ligt, maar uiteindelijk is het wel erg vermoeiend, en het helpt niet echt de situatie te veranderen.

In het tweede voorbeeld blijf je op de kant staan. Je blijft in je eigen bubbel. Je zorgt ervoor dat jij in veiligheid blijft, dat jij je zelf goed blijft voelen. En vanuit die positie kun je de ander wel echt helpen. Met jouw tak kan de ander uit het water klimmen. Of, met jouw rust en fijne gevoelens die jij uitstraalt in jouw bubbel, kan de ander ook weer makkelijker zich goed gaan voelen.

Dat noemen we ook wel compassie.

 

Je ziet de situatie waar de ander inzit en begrijpt hoe lastig het voor die persoon – of je kind – is. Je geeft die persoon ruimte om zelf zijn gevoelens te ervaren en helpt door een alternatief te bieden waar die ander voor kan kiezen als hij of zij daar aan toe is.

Vooral bij kinderen werkt dit bijzonder goed. Die zijn nog ontzettend open voor onze energie en als wij een bubbel van rust en liefde om ons heen hebben kunnen ze zich veel makkelijker zelf ook weer rustig en veilig voelen.

Als je in je eigen energie, in je eigen bubbel blijft, voel je wat JIJ voelt, je weet makkelijker wat je wilt, waar je grenzen zijn en raakt niet meer in de war van de mening van anderen. Je kunt makkelijker bij jezelf blijven. Je intuïtie wordt sterker, je wordt helderder en je straalt een duidelijkheid en rust uit die mensen opmerken en kinderen voelen.

Het is niet dat je door je bubbel geen contact meer kunt maken met anderen, in mijn ervaring is het juist een veel dieper en echter contact geworden, omdat er geen afleidende gevoelens en energieën meer in de weg zitten.


Het is het beste wat ik ooit geleerd heb.

Voor mezelf en mijn plezier in het leven, en voor mijn zoontje. Het is vele malen makkelijker voor mij om rustig te blijven en het is zeer zeer zelden nog dat ik mijn geduld verlies met hem.

Ik voel me energieker, kan met minder slaap en me dan toch meer uitgerust voelen. Als hij overstuur is, word ik er niet meer gek of overspoeld van, maar triggert het me bijna automatisch om me juist rustiger te gaan voelen, omdat ik dat zo vaak geoefend heb voordat het een gewoonte werd.

“Stel je voor dat je een meer bent… de oppervlakte van het meer verandert door het weer, wind, regen, etc. Maar het diepe deel van het meer blijft altijd ongestoord. Het diepe deel van het meer is je innerlijke staat, onafhankelijk van externe gebeurtenissen” – Eckart Tolle

Met een fluffy wolkje is het alsof je leeft aan de oppervlakte van het meer, en dat het oppervlakte alles is wat je ervaart. Je gevoel verandert snel, je wordt makkelijk meegesleurd door externe omstandigheden, etc. Met een eigen bubbel ontdek je het diepe deel van jezelf, je centrum, waar er altijd rust is. Dat betekent niet dat je aan de oppervlakte niets meer voelt. Het betekent dat er altijd een centrum van rust in je is – wat er om je heen ook gebeurd en wat je daar verder ook naast voelt.

Het klinkt misschien vrij simpel, zoals ik het hier even kort beschreven heb.
En enerzijds is dat het ook – de theorie en technieken zijn vrij simpel.
Maar, het is niet altijd makkelijk, er zijn jaren van oude patroontjes die je loslaat, en dat is een proces wat tijd en oefening nodig heeft.

Het is wel absoluut de moeite waard en uiteindelijk wordt het zo’n gewoonte dat je er bijna niet meer bewust over na hoeft te denken.

 Liefs,
Leony

Heb je een hoogsensitief kind dat je graag wilt helpen met een ‘eigen bubbel?’

Stel je voor dat je gevoelige kind nu al de vaardigheden leert om op een gezonde en effectieve manier met gevoelens en energie om te gaan.

Speciaal voor gevoelige, hoogsensitieve en nieuwetijdskinderen heb ik een programma gemaakt hiervoor: De “FreeHappyKids-methode”

Daarin leert je kind op een leuke en speelse manier o.a. effectieve tools voor zijn of haar eigen energie management.
In 10 minuten per dag leert je kind nieuwe gewoontes die na een tijdje een automatisme worden. Zodat je kind opgroeit met een sterke eigen bubbel.

Als je jouw kind graag wilt ondersteunen om op een gezonde en effectieve manier om te gaan met gevoeligheid, of als je merkt dat het soms uitdagingen oplevert en je wilt je kind daarbij helpen, dan is dit programma allicht iets voor jullie.

Je kunt er hier alles over lezen.

Telepathisch Communiceren met Je Kind – In 3 Stappen

Mijn zoontje (‘N’) was een jaar of 1,5 en we waren samen aan het wandelen. Hij zag een ander kindje op een kleine driewieler fietsen. Gefascineerd bleef hij een tijdje staan kijken. “Dat zou ik ook wel willen!” Vertelde hij me telepathisch. Dus ik beloofde hem dat we zo’n fietsje voor hem zouden zoeken. Terug van de wandeling kreeg ik een berichtje van zijn vader die op dat moment in een andere stad was: “Hey, ik zat te denken. Misschien is het leuk als we een fietsje voor N halen.” N had naar ons allebei telepathisch gecommuniceerd dat hij graag een fietsje wilde. En we hadden het allebei opgepikt. Bewust, of onbewust als ‘spontaan een goed idee.’

Jij communiceert ook telepathisch met je kind

De kans is erg groot dat jij al regelmatig telepathisch communiceert met je kind. Misschien ben je je er niet bewust van. Maar heb je wel eens ‘zo maar een goed idee’ gehad om iets te doen voor je kind? Of een voorgevoel ergens over? Opeens een gevoel dat het niet goed ging met je kind? Of een sterk gevoel welke keuze de juiste was?

Vaak krijg je die gevoelens en ideeën niet zo maar.
Het zijn berichtjes die je kind stuurt.

In mijn werk doe ik regelmatig telepathische sessies met kinderen. Ouders komen bij mij met een vraag over bijvoorbeeld gedrag van hun kind wat ze niet begrijpen. Of het idee dat het niet goed gaat met hun kind, terwijl ze niet precies weten wat er speelt. Ook kan het dat ze een keuze moeten maken voor hun kind, maar niet weten welke de juiste is. Wanneer ik vervolgens een mama vertel over mijn telepathische gesprek met haar kind, blijkt vaak dat de moeder zelf al een voorgevoel had wat klopte.

Zo was er bijvoorbeeld eens een moeder die bij mij kwam met de vraag of het beter was voor haar dochter om over te gaan naar groep 3, of om nog een jaar in groep 2 te blijven. Haar eerste gevoel was dat haar dochter het beste op haar plek zou zijn in groep 3. Maar toen de juf zei dat haar groep 2 de betere optie leek, begon ze te twijfelen aan zichzelf.

In mijn telepathische sessie met de dochter was ze heel duidelijk dat ze klaar was voor groep 3. Toen ik maanden later nog even contact had, bleek het daar ook hartstikke goed te gaan. De moeder had al goed aangevoeld en meegekregen van haar dochter dat ze naar groep 3 wilde. De sterke mening van de juf had alleen verwarring gebracht.

Energetische informatie pakketjes

Je pikt dus al heel vaak telepathisch dingen op van je kind. Maar hoe kun je dat meer en bewuster gaan doen?

Liever dan telepathisch communiceren noem ik het energetisch communiceren. Energetisch communiceren werkt niet hetzelfde als hardop met woorden praten. Energetische communicatie gaat met ‘informatie pakketjes.’ Niet woord-voor-woord, maar in een keer de hele boodschap. Sommige mensen pikken die boodschap op als letterlijke woorden maar vaker komt het eerst binnen als een gevoel of een beeld.

Telepathisch communiceren kun je dus ook zien als heel erg helder aanvoelen. Of als een uitbreiding van een sterke intuïtie.

 

Telepathisch communiceren met je kind: een stappenplan

Om bewust en duidelijk telepathisch te communiceren met je kind moet je dus helder kunnen aanvoelen. Daarvoor heb je innerlijke rust en stilte nodig. Zodat je subtiele signalen kunt gaan herkennen. Als je gevoelig bent, voel je vaak van alles van iedereen en neem je snel gevoelens over. Dan kan het erg druk zijn in jezelf. Of misschien leef je veel in je hoofd en zijn je gedachtes erg druk. En hoe vaak maken we als ouders nou echt tijd voor onze eigen innerlijke wereld Innerlijke rust en stilte kan dus even oefenen zijn, maar erg de moeite waard. En essentieel voor telepathisch communiceren.

Hier zijn 3 stappen die je kunt oefenen:

1. Terugkomen bij jezelf

Maak regelmatig even een paar minuten tijd voor jezelf en breng je focus in jezelf. Volg je ademhaling of focus je aandacht op je buik of hart bijvoorbeeld. Roep al je energie terug bij jezelf. Laat alles en iedereen even los. Adem bewust en diep en voel hoe je langzaam rustig en minder versnipperd wordt.

2. Gronden en voelen in je lichaam

Als je veel in je hoofd leeft of je (onbewust) niet veilig voelt, dan zit je vaak niet goed in je lichaam. Dan ben je niet sterk verbonden met je innerlijke gevoel. Om je intuïtie te versterken is het dus handig om goed verbonden te zijn met je lichaam en gevoel. Regelmatig een paar minuten heel bewust en diep ademhalen werkt erg goed. Rustige beweging kan daar ook bij helpen: wandelen, yoga, dansen. Het kan zijn dat er eerst allerlei emoties van jezelf omhoog komen die onderdrukt waren en nu ruimte krijgen. Dat kan even vervelend zijn, maar is heel gezond. Het helpt om er rustig doorheen te ademen en het er te laten zijn – zonder oordeel of er verder iets mee te hoeven doen. Alleen het gevoel voelen en daarheen ademen. Dan lost het vaak vanzelf op.

3. Laat het naar je toe komen

Als je dit een tijdje gedaan hebt en je merkt dat het al rustiger wordt van binnen, kun je naar de volgende stap. Adem eerst een tijdje rustig zodat je dicht bij jezelf bent. Dan kun je contact maken met je kind door aan hem of haar te denken. Het belangrijkste daarbij is dat je ‘het naar je toe laat komen.’ Niet met je aandacht naar je kind gaan, maar je aandacht in jezelf houden. Daar pik je subtiele signalen op. En terwijl je je aandacht in jezelf houdt en aan je kind denkt, kijk je of er een gevoel of gedachte bij je komt.

Liefs,
Leony